Zo wonen wij in de toekomst

Wat wordt er het komende decennium verwacht van marketeers in de wereld van wonen?

Zo wonen wij in de toekomst

Hoe zullen wij straks wonen? Wij voorspellen dat we veel van de algemene karakteristieken en kenmerken uit de jaren zeventig weer terug gaan zien. ‘Samen’ zal een nieuwe definitie krijgen.

We brengen maar liefst 90 procent van onze tijd binnen door. Dat was pre-corona al zo, we pendelden van onze woonkamer naar kantoortuin en terug, en sinds het begin van de pandemie is dat dezelfde plek geworden. Toch is er nog maar zeer beperkt aandacht voor hygiëne, ventilatie en algehele kwaliteit van onze binnen-leefomgeving.

Buurtgroen

Wel is er steeds meer aandacht voor het ‘vergroenen’ van onze leefomgevingen. Groen draagt, naast een betere gezondheid en een hoger welzijn, tevens bij aan een sociale cohesie door bijvoorbeeld ‘buurtgroen’ waar mensen elkaar ontmoeten en samen aan de slag gaan. Samen aan de slag gaan in de buurt past overigens ook bij de tijdsgeest; we zetten ons in om samen van nut te zijn en zoeken steun bij gelijkgestemden. Tegelijkertijd maakt technologie ons thuis persoonlijker, gemakkelijker én inzichtelijker. Zomaar een paar van de ontwikkelingen die ons uitdagen om opnieuw naar het thuis van de toekomst te kijken.

Visionairs uit het verleden

Twee iconische denkers over het thuis van de toekomst zijn Gerrit Rietveld en Chriet Titulaer. Zij waren in staat om vanuit nieuwsgierigheid, visie en vindingrijkheid een ‘huis van de toekomst' te creëren. Rietveld hield van ruimte, eenvoud en functionaliteit. Hij bedacht daarom begin jaren twintig allerlei slimme oplossingen voor de woning van Truus Schröder. De vloeiende overgangen tussen binnen en buiten, een uitgesproken primaire-kleuren-schema, en schuifwanden die de flexibele woonruimtes transformeren, maken het Schröderhuis tot de dag van vandaag een bron van inspiratie voor velen.


Rietveld Schröderhuis (collectie Centraal Museum, Utrecht)

Iets wat Chriet Titulaer eind jaren tachtig ook bracht toen hij het ‘Huis van de Toekomst’ lanceerde in het Autotron in Rosmalen. In het huis, naar ontwerp van architect Cees Dam, werd geëtaleerd hoe de techniek de woonhuizen in de toekomst kon veranderen. Het huis was voorzien van allerlei wetenschappelijke nieuwigheden. Zo had het bijvoorbeeld een centraal stofzuigersysteem, zonnecellen en stemherkenning. Veel van de toen ver-van-mijn-bed-show-technologieën zijn tegenwoordig niet meer weg te denken uit onze leef- en woonomgevingen.


Het Huis van de Toekomst in Rosmalen 

Waar Rietveld een duidelijke filosofie had over wonen en ruimtes, en Titulaer bovenmatig geïnspireerd was door technologische vernuftigheden, biedt de huidige tijd een mooie gelegenheid om verder te bouwen op hun werk.

Vooruitkijken vanuit nieuwsgierigheid en visie

Om ook nu weer een sprong in de toekomst te kunnen maken over onze woon/leefomgeving baseren wij ons op een trendmodel (Futurise) dat we hebben ontwikkeld. Dit model is ontwikkeld in samenwerking met de Universiteit van Gent en is gebaseerd op ruim veertig jaar wetenschappelijk onderzoek naar gedrag. Het model leert ons als marketeers dat de komende jaren veel gelijkenis gaan vertonen met de jaren zeventig. Niet een-op-een hetzelfde natuurlijk, maar we zullen veel van de algemene karakteristieken en kenmerken van toen weer terug gaan zien.

Onderstaande figuur geeft het ritme van de cyclus weer:

 

 

Terug naar de jaren zeventig

Wat kenmerkte onze woonomgeving toen? Terug naar de natuur was het motto in de jaren zeventig. Met kurk beplakte muren, schrootjesplafonds, meubels van rotan, hangplanten en de kleuren groen, bruin en oranje, en natuurlijk de zitkuil. Die laatste stond symbool voor de geborgenheid de men zocht in de veiligheid van het eigen huis. De wereld was aan het globaliseren en de dreiging van de Koude Oorlog wakkerden een diepe behoefte aan veiligheid en geborgenheid aan.

Het komende decennium

Aan het begin van de nieuwe jaren twintig daagt de tijdsgeest ons wederom uit om een nieuwe visie te ontwikkelen op hoe we de komende jaren een thuis van ons huis gaan maken. Hierbij mogen we in ogenschouw nemen dat er wederom een grote hang naar de natuur is, dat we de behoefte hebben om buiten letterlijk naar binnen te halen en binnen met buiten te verbinden.

De megatransities op het gebied van energie, circulariteit en algemene verduurzaming zijn ook een aanjager van innovatie in onze thuisomgeving. Nieuwe materialen, gewonnen uit (natuurlijke) reststromen, bieden de mogelijkheid om artificiële materialen te vervangen en daarmee een minder toxisch binnenklimaat te realiseren.

‘Samen’ zal ook een nieuwe definitie krijgen. Al een aantal jaren zien we mondjesmaat nieuwe woonvormen opkomen: van volkomen zelfvoorzienende woonwijken vol tiny houses tot studenten die bejaarden hun huisgenoten (en vice versa) mogen noemen.

Kansen voor marketeers

Uiteraard kunnen we niet heen om de enorme invloed en gemak die techniek in de woonomgeving heeft en steeds meer zal hebben. Via slimme deurbellen houden we van overal ter wereld onze stoep in de gaten en het moment dat onze koelkast de boodschappen bestelt en ons huis ons vertelt hoe gezond het leefklimaat binnen is, is bijna daar.

Voor marketeers biedt het komende decennium voldoende kansen op het gebied van wonen door de behoeften die de mensen (gaan) hebben om hun eigen droomhuis te creëren. We gaan op 19 februari aan de slag met een futuroloog en een architect over de digitale ontwikkelingen en kansen op het gebied van duurzaam bouwen.


Delen



Er zijn 0 reacties op dit artikel

Plaats zelf een reactie

Log in zodat je (in het vervolg) nóg sneller kunt reageren

Vul jouw naam in.
Vul jouw e-mailadres in. Vul een geldig e-mailadres in.
Vul jouw reactie in.

Herhaal de tekens die je ziet in de afbeelding hieronder


Let op: je reactie blijft voor altijd staan. We verwijderen deze dus later niet als je op zoek bent naar een nieuwe werkgever (of schoonmoeder). Reacties die beledigend zijn of zelfpromotioneel daarentegen, verwijderen we maar al te graag. Door te reageren ga je akkoord met onze voorwaarden.